Terug naar de beginpagina. Naar het overzicht in het kort.

Het Helinium.

Ptolemeus plaatst het Helinium door de opgegeven graden in het noord-westen van Frankrijk aan de kust. De klassieken noemen enkele malen Flevum en Helinium als twee meren of grote wateren die in dezelfde streek lagen. Jammer genoeg delen zij de afstand tussen beide niet mee. Het uitgesproken nevengeschikt verband blijkt wel, zodat de historici Helinium in Nederland lokaliseerden, al is tot heden duister gebleven waar het dan precies lag. De beurtelingse plaatsingen te Vlaardingen of Terheide tonen al duidelijk aan, dat men er geen weg mee weet.
Door enkele historici wordt de Maasmond als zodanig beschouwd. Maar dat komt niet overeen met teksten die vermelden dat de Mosa in de Renus uitstroomde. Of Hollandsch Diep of Haringvliet in de Romeinse tijd al bestonden is een nooit bewezen aanname.

Aanvankelijk hield Albert Delahaye de Liane, die ten noorden van Desvres in de richting van Samer stroomt als het Helinium. Verdere studie veranderde dit inzicht en plaatste hij dit meer aan de Mosa (is de Moeze) bij Kortrijk, waar plaatsen als Helchin en Hellebecq nog aan herinneren. Het Helinium is al spoedig nadat Plinius daarover schreef verzand. Bij latere schrijvers wordt dit meer niet meer genoemd.
Tot ver in de middeleeuwen heet de baai van de Liane ook HELENA; waar de afleiding van Helinium evident is. Haar monding had in de Romeinse periode de haven Portus Gessoricus aan de noordelijke kant van de baai, en Portus ltius aan de zuidzijde daarvan, door Ptolemeus zo treffend en juist vlak bij elkander geplaatst.
In hoeverre ook in de Romeinse tijd als sprake was van een 'deplacement historique' is een verdere studie waard. Dat er naamdoublures bestonden staat buiten kijf, wat namen als Lugdunum en Noviomagus, die meerdere keren voorkomen in het Romeinse Rijk, al aantoont.

De indruk, dat de klassieken die twee Portus namen Gessoriacus en Itius door elkaar zouden hebben gebruikt, is niet juist. Gessoriacus was de militaire haven, aangelegd ca. 43 na Chr., toen Claudius vanuit Boulogne de verovering van Engeland voorbereidde. Zij is tot aan het einde van het imperium de vasteland-basis geweest van de "Classis Britannica", de vloot van Engeland. Itius was de burgerlijke haven aan de overkant van de riviermond.
Er blijkt niet alleen, dat de vroeg-middeleeuwse gegevens voortreffelijk in het noorden van Frankrijk passen, maar dat ook alle levensgrote vraagtekens over Romeins Nederland zich vanzelf in de juiste streek presenteren.

A.W.Byvanck (o.c.p.535) plaats het Helinium aan de brede Maasmond tussen Oostvoorne en Terheide. Hij laat zich hierbij leiden door een artikel van A.A.Beekman uit 1929 in het tijdschrift van het Aardrijkskundige Genootschap, die hierin met een onbewezen veronderstelling komt. Het is ook Beekman die het kanaal van Corbulo in de Vliet in Zuid-Holland gevonden meende te hebben (Tijdschr. Aardrijksk. Genootschap 1916), om zo het Helinium met de Renus te kunnen verbinden. Op deze wijze wordt een tekst die melding maakt van de uitstroom van de Mosa in de Renus door twee foutieve aannames toch "passend" gemaakt. Byvanck wijst er wel op dat de rivier ten zuiden van Vlaardingen in de Middeleeuwen Merwede en pas later Maas werd genoemd. Vreemd blijft bijvoorbeeld dat bij Vlaardingen noch aan het Helinium Romeins is gevonden en de plaats Vlaardingen in de hele Romeinse traditie ontbreekt en ook niet in de Nederlandse traditie van de Peutingerkaart voorkomt. Er is ook nooit een Romeinse weg gevonden in dit gebied. En dit terwijl juist daar enkele belangrijke Romeinse havens gelegen moeten hebben voor de transporten naar Engeland en terug. De portus Itius en Gessoriacus lagen dan ook elders (zie hierboven).

W.A. van Es plaats het Helinium ten zuiden van den Haag in de brede monding waar de Maas en Waal zich verenigden. Dat dit niet klopt met de tekst dat de Mosa in de Renus uitstroomde, was voor Van Es destijds aanleiding om Renus dan maar met Waal te vertalen. Van Es wijst wel op nederzettingen uit de Romeinse tijd ten noorden van Vlaardingen. Het betreft echter geen Romeinse nederzettingen. In het Helinium mogen een of meer vlootbases aangenomen worden. Ze zijn er nooit aangetoond.

Tilman Bechert en W.Willems plaatsen het Helinium met een vraagteken bij Oostvoorne (?). Er wordt verder niets naders over meegedeeld. Ook het vraagteken wordt niet verklaard. Het "overslaan" is symbolisch.


Bestel en lees het boek "De Ware Kijk Op" en oordeel zelf.