Terug naar de lijst Naar het overzicht in het kort.

Levefano = Wijk bij Duurstede Laventie

Er is in of bij Wijk bij Duurstede geen Romeins castellum gevonden.Bron: Spiegel Historiael.
Levefanum is nog niet met zekerheid gelokaliseerd.Bron: J.Bervaes, 1992.

Als Wijk bij Duurstede voor het Romeinse Levefanum wordt gehouden, kan het nooit Dorestad zijn geweest. De Geograaf van Ravenna (die schreef tussen 638 en 678) noemt de twee plaatsen afzonderlijk. Ergo: het zijn twee verschillende plaatsen geweest. Bij Wijk bij Duurstede is het vermeende Romeinse fort overigens nooit gevonden, net zo min als de opgravingen ooit ter plaatse het vermeende Dorestad hebben aangetoond.

De determinatie van Levefano voor Wijk bij Duurstede is gebaseerd op enkele Romeinse vondsten, zoals die door heel Nederland wel eens zijn gevonden, zelfs in Friesland waar nooit een Romein geweest is!

Op basis van een (mogelijk) Romeinse helm en een stuk van een dakpan is de determinatie Levefano voor Wijk bij Duurstede tot stand gekomen. Een castellum is er nooit gevonden, of, zoals sommige historici maar blijven beweren, het Romeinse castellum is volledig "weggespoeld" door de Rijn.

Een citaat:
"Bij Wijk bij Duurstede heeft in die periode een Romeins fort, een castellum genaamd Levefanum als onderdeel van de verdedigingslinie, de Limes, gelegen. Het fort is inmiddels verzwolgen door de rivier". Aldus een citaat uit de Archeologische Kroniek Provincie Utrecht 1988-1989. Ofwel het vermeende Romeinse castellum is nooit gevonden.
Hoe men dan weet dat het er ooit wel geweest is, wordt niet meegedeeld.

De locatie van Mannaricium en Levefanum te Maurik is twijfelachtiger dan die van Mannaricium te Wijk bij Duurstede. Mannaricium komt te Wijk bij Duurstede te liggen.Bron: J.Bervaes.

In Wijk bij Duurstede is geen enkel archeologisch bewijs is gevonden voor de determinatie Dorestadum.
Na zo'n bekentenis van Van Es houdt in feite de hele discussie rondom Wijk bij Duurstede op!


Overigens is de identificatie Wijk bij Duurstede (of preciezer: Rijswijk) = Levefanum niet volkomen zeker (B.H.Stolte, De Nederlandse plaatsnamen uit de Romeinse tijd, 1963, p.88 en H.K.J. Cowan, The Betuwe on the Tabula Peutingeriana 1974, p.153)
Volgens de gegevens van het Itinerarium Antonini lag Mannaricium op 55 km. van Trajectum. De afstand Utrecht Maurik is 31 km. ofwel we komen in Nederland 21 km. tekort, wat een onaanvaardbare afwijking is van 46%.
De visie van Albert Delahaye.
Levefano is Laventie, op 15 km noordoost van Béthune op 20 km van Fléchin. Behalve dat het etymologisch een rechtstreekse afleiding is van Levefano, klopt ook de afstand tot de nabijgelegen plaatsen Flétione en Carvone zoals die op de Peutingerkaart gegeven worden.
Het middeleeuwse Dorestad is evenmin Wijk bij Duurstede maar de plaats Audruicq ten zuid-oosten van Calais. Immers de Geograaf van Ravenna schrijft dat de Renus onder Dorestadum in het land der Friezen ("Renus sub Dorostate Frigonum patrie") in de Oceaan stroomt. En Wijk bij Duurstede ligt noch in het land der Friezen, noch aan zee.


De Nederlandse traditie.
Byvanck (o.c., p.405) vermeldt over Wijk bij Duurstede dat er tijdens opgravingen behalve overblijfselen van de versterkte stad Dorestad uit de Karolingische tijd zeer veel Romeinse oudheden zijn ontdekt. Zeker is daar een vrij aanzienlijke Romeinse nederzetting geweest. De gevonden munten en het aardewerk lopen van de midden van de eerste tot het eind van de tweede eeuw. Men kan dus denken aan een fort. Verder kent men van daar bakstenen, ook met stempels, bronzen voorwerpen, glas en ijzerwerk, alle vondsten van tanmelijk grote betekenis. Echter resten van een fort zijn niet gevonden. Het Romeinse fort heeft dus elders gelegen.
Op p.422 schrijft hij over de plaatsen Mannaricium en Levefanum het volgende: "maar in de getallen, die voor de afstanden tussen de plaatsen worden opgegeven, moeten fouten schuilen. Men kan Mannaricium in de buurt van Maurik en Levefanum te Wijk bij Duurstede zoeken; daaromtrent heeft men evenwel niet de minste zekerheid".

Bij Utrecht lag de plaats Wijk. Daar bouwde een bisschop van Utrecht een buitenverblijf dat "Duurstede" werd genoemd. Later werden het dorp en het kasteel één leen en kwam de naam Wijk bij Duurstede in zwang.
Aanvankelijk heeft geen sterveling de plaats of de naam in verband gebracht met het oude Dorestadum, dat blijkens de bronnen in de buurt van St.Willibrords zetel lag. De link werd pas in de 15e eeuw voor het eerst gelegd. De opgravingen te Wijk bij Duurstede hebben een 10e/11e-eeuwse nederzetting aan het licht gebracht, waarvan door Van Es, toenmalig directeur van de ROB, is vemeld dat zlj niets bewijzen over het Karolingische Dorestadum. In Spiegel Historiael, speciaalnummer over Dorestad, op blz. 109 geeft Van Es onomwonden toe dat er in Wijk bij Duurstede geen enkel archeologisch bewijs is gevonden voor de determinatie Dorestadum. Na zo'n bekentenis houdt in feite de hele discussie rondom Wijk bij Duurstede op!

Het Romeinse Levefano werd (naar analogie van Dorestadum) altijd aangezien voor Wijk bij Duurstede. Van Es noemde het 'waarschijnlijk'. Dus zekerheid ontbreekt ook hier. Soms wordt Rijswijk aan de overzijde van de Nederrijn als het Levefano van de Peutingerkaart genoemd.
Van Es schrijft hierover (o.c. p.101) "Ook hier zal wel een castellum in de golven van de Rijn zijn ondergegaan en dat was dan naar alle waarschijnlijkheid het van de Peutingerkaart bekende Levefanum. In de omgeving van Wijk wordt al heel lang naar een Romeins fort gezocht, mede op grond van latere berichten, die op de vroeg-middeleeuwse handelshaven Dorestad betrekking hebben. Het ziet er dus thans naar uit dat de plek waar het gelegen heeft, gevonden is.Een verheugende ontdekking, maar de vreugde wordt getemperd door het vermoeden dat de rivier er niets van heeft heel gelaten". (Toch transgressies?)

In de Archeologische Kroniek Provincie Utrecht 1988-1989, lezen we op blz.78: "Bij Wijk bij Duurstede heeft in die periode een Romeins fort, een castellum genaamd Levefanum als onderdeel van de verdedigingslinie, de Limes, gelegen. Het fort is inmiddels verzwolgen door de rivier". Ofwel het vermeende Romeinse fort is er nooit gevonden.
Vreemd blijft dat het verzwolgen Romeinse fort, ook in de rivier nooit gevonden is. En die rivier is vrij regelmatig uitgebaggerd.

Toch wil men in Nederland kost wat kost vasthouden aan Wijk bij Duurstede als het Romeinse Levefano en het middeleeuwse Dorestad. En dat terwijl Levefano en Dorestad twee verschillende plaatsen waren.
Ook Bechert komt er nog steeds niet uit. Bechert (o.c. p. 81) stelt dat Levefanum op de Peutingerkaart mogelijk een verschrijving is voor Haevae Fanum, tempel van Haeva, een Germaanse godin. Hier papegaait Bechert dus Stolte na (zie verder) die dezelfde redenering al in 1963 uitte. Het castellum Levefano legt Bechert te Rijswijk aan de overzijde van Wijk bij Duurstede. De globale locatie van dit fort, Levefano, is ontdekt tijdens baggerwerkzaamheden. Bij zandwinning in de uiterwaard van de Nederrijn bij Rijswijk tegenover Wijk bij Duurstede werden veel vondsten gedaan die in een militaire context thuishoren. Het gaat daarbij om helmen, bouwmaterialen en aardewerk. Op één helm zijn inscripties met de namen van de (achtereenvolgende) gebruikers teruggevonden: T. Allienus Martial(n)is en Statorius Tertius. Deze namen wijzen erop dat het om Romeinse burgers gaat, evenals die van de centurio Antonius Fronto. Wellicht heeft in Rijswijk een cohors civium Romanorum gelegen, zoals dat bijvoorbeeld ook in Woerden het geval was. Op basis van een dakpanstempel PRIMACORI is verondersteld dat Rijswijk tussen 70 en 83 bezet werd door de cohors I Thracum equitata (Bogaers 1974). Aldus een letterlijk citaat uit Becherts boek (o.c.). Die militaire context bestaat dus uit één helm en wat sloopmateriaal. Maar daar wordt niets mee bewezen over het bestaan van een castellum.

Wellicht lag er in de vicus in de directe nabijheid van het castellum een tempel of heiligdom van enig belang. Tussen de baggervondsten bevonden zich enkele mogelijk laat-Romeinse vondsten. Een bezetting van het fort in die periode is dus niet geheel uitgesloten. Waarschijnlijk is het fort ook in de vroege middeleeuwen gebruikt. Het ligt voor de hand het te vereenzelvigen met het in de geschreven bronnen vermelde castrum Dorestad, waar omstreeks 690 de slag tussen Pepijn II en de Friezen heeft plaatsgevonden. Het oorspronkelijk Romeinse fort zou dan één van de oudste delen van het vroeg-middeleeuwse handelscentrum Dorestad vormen.

En Stolte schrijft: "Overigens is de identificatie Wijk bij Duurstede (of precieser: Rijswijk) = Levefanum niet volkomen zeker!" (B.H.Stolte, De Nederlandse plaatsnamen uit de Romeinse tijd, 1963, p.88 en H.K.J. Cowan, The Betuwe on the Tabula Peutingeriana 1974, p.153). Stolte noemt Levefano een verschrijving van Haevae Fanum (=tempel van Haeva-een Germaanse godin). Er wordt daarbij opgemerkt dat het een eigenaardige naam is voor een Romeinse militaire kazerne, of lag er soms een tempel van lokaal of regionaal belang? Het zou een vreemde zaak zijn geweest als de Romeinen aan hun kazerne de naam gegeven zouden hebben van een godin van de Germanen, hun vijanden. De vergelijking met Elst die wel eens gemaakt wordt gaat natuurlijk mank, aangezien van dit Levefanum niets is teruggevonden.

In 1978 heeft Dr.W.van Es (directeur van de ROB.) in Spiegel Historiael, speciaalnummer over Dorestad, op blz. 109 toegegeven dat er in Wijk bij Duurstede geen archeologisch bewijs is gevonden voor de determinatie Dorestadum. Na zo'n bekentenis houdt in feite de hele discussie op! Dorestadum is dus NIET Wijk bij Duurstede en evenmin Levefano!
Vandaar dat men Levefano tegenwoording liever te Rijswijk plaatst, aan de overzijde van Wijk bij Duurstede, wat evenmin overeenkomt met de afstanden tussen Trajecto en Mannaricium en tussen Mannaricium en Levefano. Op een afstand van 55 km tussen Trajecto en Mannaricium, volgens de gegevens van het Itinerarium Antonini, mis je in Nederland 24 km., ofwel een afwijking van 46%.