De Club van Nijmegen.

Onder "De Club van Nijmegen" worden doorgaans de 'historici' Bogaers, Stolte, Hugenholz, Jansen, Post, Haalebos, Gorissen, Van der Kieft, Sarfatij, Bloemers, Leupen, Thissen, Blok en Lemmens begrepen. Daarnaast is er een kleiner aantal anderen die regelmatig hand- en spandiensten verrichtten ten behoeve van de club en het behoud van de mythen, zoals Camps, Meeuwissen en Van der Gouw.
Deze Club 'historici' heeft zich ALTIJD fel tegen de visie van Albert Delahaye verzet, zonder ooit een van zijn werken zorgvuldig gelezen te hebben. Vaak erkennen ze dat zelf, nog vaker blijkt het uit hun argumentatie bij het weerleggen van de opvattingen van Delahaye. Zij blijven vasthouden aan de mythen met een ongekende felheid en gaan elke discussie uit de weg "omdat de traditie zo sterk is". Ze begrijpen maar al te goed, dat toegeven aan het gelijk van Delahaye hun historische zelfmoord betekent. Frappant is om te zien dat zich in dit verzet kleinere en grote scheuren beginnen te vertonen. Nog frappanter is om te ontdekken dat de heren van deze club elkaar soms onbedoeld (?) tegenspreken. Het meest frappante is om de constateren dat leden van deze club ZICHZELF tegenspreken in verschillende publicaties. De bekering heeft zich ingezet. Zie bij "Twijfel" en "Bevestiging".

Hier is duidelijk sprake van "cognitieve dissonantie". Men blijft zich vastklampen aan eenmaal ingenomen standpunten, ook als overduidelijk is aangetoond dat deze onjuist zijn. In feite is hier sprake van opzettelijke en grove wetenschappelijke misleiding. Men blijft de mythen slechts verdedigen om het eigen gezicht te redden! Toegeven is immers erkennen van eigen onkunde! En dat is voor de wetenschapper een gevoelig punt. Blijkbaar redeneert men ten aanzien van die waarheid vanuit het principe "na ons de zondvloed". Maar ook postuum kun je nog afgaan als wetenschapper, net zoals Albert Delahaye postuum ook steeds meer erkenning en waardering voor zijn werk en gelijk krijgt!