De tekst waar het hier over gaat, luidt als volgt: "De Noormannen kwamen vanaf Rouan en Péronne. Na Beauvais, Amiens en Atrecht geplunderd te hebben, kwamen zij voor de stad en het paleis van Noviomagus, waar zij de benedenstad in brand staken".
Waar deze tekst in het Bronnenboek van Leupen ontbreekt, vanwege, zoals hij zelf zegt, de toch wel veel en onontkoombare verwijzingen naar Frankrijk, wordt de tekst in de folders van de gemeente Nijmegen (Lemmens) en in een artikel van dezelfde Leupen in 'Spiegel Historiael" van december 1980 (blz.689) toch als historische waarheid van Nijmegen gepresenteerd.

Leupen verwoordt het ontbreken van deze tekst in het Bronnenboek aldus: "Bij het controleren van de juistheid van de naam zijn wij vrij voorzichtig geweest; een bekende mededeling als die uit het jaar 925 bij Flodoard van Reims werd niet opgenomen, omdat Noviomagus hier genoemd wordt tezamen met Franse steden als Beauvais, Amiens en Atrecht.
Dat wil overigens niet zeggen dat deze vermelding dus niet op Nijmegen betrekking kan hebben. Zolang nog geen diepgaand onderzoek naar het gebruik van plaatsnamen bij Flodoard geschied is, moet men rekening houden met de mogelijkheid dat toch op Nijmegen en niet op Noyon gedoeld wordt (de inwoners van Noyon heten bij Flodoard meestal: Noviomenses)".

Ook met deze mededeling -net als bij zijn betoog over de Bisschop van Nijmegen- laat Leupen de onafhankelijke lezer weer eens een staaltje van zijn ondeskundigheid zien.
  1. Allereerst blijkt dat Leupen de verschillende oorkonden van Noyon nooit bekeken heeft, waar in eenzelfde oorkonde de vormen Noviomagus en Noviomus op enkele regels afstand naast elkaar voorkomen.
  2. Voorts zijn de teksten van Flodoard van Reims allang diepgaand onderzocht door Albert Delahaye. Maar ja, als Leupen die boeken niet leest, dan begrijpt iedereen hoe hij tot deze bloedige onzin komt.
  3. Mocht dat niet voldoende zijn, dan kunnen de parallel-teksten van andere kroniekschrijvers vanaf de 6e eeuw dienen, waar men bij bosjes de bewijzen vindt dat, wanneer verschillende schrijvers eenzelfde feit vermelden, de een Noviomagus schrijft, de ander Noviomus, de derde Numaga, de vierde Neomagus, de vijfde Noyon en de zesde zelfs Nimaie in het Frans! Zie ook de kroning van Karel de Grote.
  4. Hier komt men natuurlijk pas achter, wanneer men alle teksten opspoort, niet alleen die welke door de Duitse indices op Nijmegen zijn geprikt. Met deze nieuwe blunder heeft Leupen de methodisch foutieve aanpak van zijn werkgroep ten voeten uit getekend.
Dan vraagt een onafhankelijk lezer zich toch wel af of we hier met een historisch deskundige of met een historische onbenul te maken hebben.