Het is onbegrijpelijk en ongelooflijk dat de mythen telkens weer de kop opsteken.
Daaruit blijkt eens te meer dat de Nederlandse historici:
1. de bronnen nooit gezien en de werken van Albert Delahaye nooit gelezen hebben. Die spreken toch duidelijke taal.
2. elke twijfel blijven ontkennen omdat de traditie zo sterk wordt genoemd. Een traditie die soms nog geen eeuw oud is!
3. hun eigen vakgebied nauwelijks beheersen, want ook eerdere schrijvers hebben hun twijfel geuit over een aantal z.g. historische "zekerheden". Men heeft niet eens de moeite genomen dit te onderzoeken of te weerleggen.
4. die zeggen het vakgebied te beheersen, de fouten hadden moeten ontdekken, wat dus niet gebeurd is.
5. zich vervolgens, bevreesd voor gezichtsverlies, slechts strakker vastbijten in de mythen.
6. hun ongelijk feitelijk erkennen, omdat ze elke discussie angstvallig uit de weg gaan.
Feitelijk is hier sprake van misbruik van overheidsgeld. Goedbetaalde universitaire profs doen hun werk niet. Zij zouden voorlopers moeten zijn, maar zijn naschrijvers. Zij doen geen wetenschappelijk onderzoek naar opgeworpen vraagstukken, zij vermijden elke discussie over hun vakgebied waarvan zij vinden dat zij er alleen deskundig in zijn en zij blijven in woord en geschrift de oude mythen verdedigen. Bij hen is de aarde blijkbaar nog steeds plat!
En deze zichzelf wetenschappers noemende lieden worden (dik) betaald door de overheid! Op de geschiedenisfaculteiten van de verschillende universiteiten valt dus nog best heel wat te bezuinigen.