De historische traditie in Nederland.

Toen Albert Delahaye begon te publiceren over de "vraagstukken in de historische geografie van Nederland" werden zijn bevindingen door de gevestigde historici steevast tegengesproken met de mededeling "dat het niet paste in het algemeen aanvaarde beeld van onze geschiedenis", en met "We hebben een sterke traditie sinds de Romeinen in handen", zoals de stellige overtuiging van prof.dr. F.W.N. Hugenholtz eens klonk. Die "sterke" traditie bleek te bestaan uit naschrijverij van enkele fabelschrijvers uit de 15e tot 17e eeuw, die ongenuanceerde beweringen deden, die vele generaties historici na hen klakkeloos gevolgd en nooit verder onderzocht hebben naar mythe en waarheid. Traditie kan nooit een argument zijn.
Veel wat in die traditie van de geschiedenis van ons land bestond, bleek gebaseerd op het verkeerd lezen en het verkeerd interpreteren van de klassieke teksten. Daarbij mag men niet vergeten, dat de klassieke schrijvers altijd in het Latijn schreven en altijd schreven. Fouten, ook bij het overschrijven, zijn onvermijdelijk. Een juiste lezing van bijvoorbeelde een plaatsnaam, is soms alleen mogelijk in de contekst van het hele verhaal. Ook hierbij ging het regelmatig fout.