Terug naar de beginpagina. Naar het overzicht in het kort.

H.J.A.Berendsen.


Dr. Henk J.A. Berendsen (1947-2007) led the field course in the Rhine-Meuse delta since 1973. He has been associate professor at Utrecht University from 1985-2005. Together with Prof. Koster he supervised the research group of fluvial geomorphology and sedimentology. In addition to the books listed here, he co-edited special editions of international journals. Although formally retired now, he is still involved in research, and occasional teaching. Meer informatie volgt binnenkort.

Kijk ook op Nifterlaca.nl
Lees ook de publicatie van Berendsen "River Courses in the Central Netherlands during the Roman Period".

Daarin is te lezen dat in de perode tussen 200 en 300 n.C. er een belangrijke verandering optrad in de loop van de rivieren in centraal Nederland. Zo ontstond de huidige stroom van de Waal pas tussen 1815 50 BP. en 1655 50 BP., wat overeenkomt met de periode tussen 150 en 300 n.C. (plus of min 50 jaar).
Het is wel duidelijk dat zowel Julius Caesar als Drusus als Tacitus, dus nooit de huidige Waal gezien en/of beschreven kunnen hebben.
En daarmee verdwijnt een van de fundamenten in de tradionele historische opvattingen naar het rijk der fabelen. Men moet dus weer opnieuw beginnen met het vaststellen van de waarheid in die geschiedenis.
Dat is ook precies wat Albert Delahaye heeft gedaan. Ook hier krijgt hij weer onweerlegbaar gelijk!


Recent onderzoek van dr.Henk Berendsen e.a. heeft aangetoond dat de rivier de Waal nog niet bestond in de Romeinse tijd. Het is dan ook onmogelijk dat de Waal vereenzelvigd kan worden met de Patabus op de Peutingerkaart. Dan was de Patavia ook niet het eiland der Bataven, dat immers in het zuiden begrenst werd door de Patabus, zoals Julius Caesar dat beschreef in 56 v.Chr. Hij kan de Waal dus nooit gezien hebben. En als dit eenmaal is vastgesteld vervalt de hele vermeende Romeinse geschiedenis die aan de Patabus en het Eiland der Bataven is opgehangen. Ofwel vervalt heel Romeins Nederland zoals dat tot nu toe werd voorgesteld.


De rivierlopen in westelijk Utrecht.

Van dezelfde auteur verscheen "Het ontstaan van het rivierenlandschap in de omgeving van IJsselstein", waaruit enkele belangrijke conclusies getrokken kunnen worden (hierna enkele letterlijke citaten:
  • De Hollandse IJssel benedenstrooms Montfoort is waarschijnlijk pas aan het eind van de Romeinse tijd ontstaan (Berendsen hanteert voor de Romeinse tijd de periode 50 v. - 400 n.C). Dus de Hollandse IJssel is pas rond 400 n.Chr. ontstaan.
  • In de 11e eeuw werden in Zuidwest-Utrecht de eerste kaden en rivierdijken aangelegd.
  • De kommen vormden ontoegankelijke wildernis, overwegend bestaande uit moerasbos. De lage komgebieden bleven nog eeuwenlang te nat, waardoor de gronden eigenlijk alleen geschikt waren voor hooiland.
  • Bewoning vond in de kommen pas plaats in de Late Middeleeuwen (na ca. 1100) toen deze gebieden op grote schaal werden ontgonnen.
    Ook hier krijgt Albert Delahaye in zijn opvatting van de onbewoonbaarheid van een groot deel van de Lage Landen (les Pays-Bas tussen de 3e en 12e eeuw, weer onweerlegbaar gelijk.



    Overstroomd gebied na een virtuele dijkbreuk bij Wijk bij Duurstede.


    Wat weten we nu feitelijk echt?
    Tussen de 3e en 11e eeuw was westelijk laag Nederland ongeschikt voor bewoning. Gebieden die twee maal per dag overstromen of bestaan uit drassige moerasgrond zijn onbewoonbaar. De mens kan er wel eens verbleven hebben, maar er hebben zeker geen grote en omvangrijke volksstammen gewoond, zoals de Friezen. De geschiedenis die men in dit gebied meende te moeten plaatsen is hier fysiek onmogelijk geweest. St.Willibrord, St.Bonifatius en andere predikers zijn er dan ook nooit geweest. Wat viel er te bekeren als er geen bewoners waren? De Noormannen zijn er ook niet te plaatsen. Wat viel er te plunderen als er geen bewoning was? De archeologie heeft reeds lang aangetoond dat er van invallen van de Noormannen in Utrecht, Nijmegen of Wijk bij Duurstede geen enkele sprake is geweest. Wat Wijk bij Duurstede betreft wordt dat ook volmondig erkend en teogegeven. Zie de uitspraken van Annemarieke Willemsen. Door de studie van Albert Delahaye blijkt de vermeende geschiedenis van Nederland uit deze periode die van Noord-Frankrijk te zijn.

    Lees het boek "De Ware Kijk Op" en oordeel zelf.