De historische geografie van de lage landen.
Terug naar de beginpagina.
Het Bronnenboek van Nijmegen weerlegt de Karolingische geschiedenis van Nederland.
Naar het overzicht in het kort.

Het standbeeld van Karel de Grote in Nijmegen.

Lees meer over achtergronden om een goed begrip te krijgen over de werkwijze in de historische wetenschap.

Citaten van Historici


wetenschap is twijfel


ongelooflijk


onnozelheid


Heiligenlevens


Kletspraat







De Fundamentele verwarring bestaat uit de vraag of Noviomagus uit de klassieke teksten Nijmegen is of Noyon. Het kernpunt waar alles mee begon en waar alles om draait is deze hier genoemde fundamentele verwarring. Deze kwestie ligt aan de grondslag van talloze andere opvattingen, zoals de verwarring rond Trajectum: was het Utrecht of was het Tournehem. En Dockynchirica, was dat Dokkum of Duinkerke? Immers als Nijmegen fout is, is Utrecht ook niet de bisschopszetel van Willibrord en werd Bonifatius niet in Dokkum vermoord en dan was de Betuwe ook niet het land van de Bataven. Dat gebeurde allemaal in Noord-Frankrijk!


Het later aangebrachte naambordje van de ANONYMUS. Dit naambordje is niet aangebracht in 1962, maar pas in de jaren 2000, wat de opgegeven website www.nijmegen.nl al aangeeft. In 1962 bestonden er nog geen websites.
Nijmegen heeft 12 eeuwen nimmer enige behoefte gevoeld de grote keizer, zijn zogenaamde stichter, met een standbeeld te eren. Die behoefte rees plotseling wel toen de traditie bestreden werd. Maar de ontstane twijfel deed de gemeente wel besluiten het standbeeld niet op het Valkhof te zetten, maar weggestopt op een druk verkeersplein op een schier onbereikbare plaats en door de weelderige bomen en struikengroei ook aan het oog onttrokken.


Enige tijd nadat Albert Delahaye voor het eerst zijn twijfel aan het bestaan van een Karolingisch Paleis in Nijmegen openbaar had gemaakt, nam de Gemeenteraad van Nijmegen het besluit een som van ƒ100.000 (gulden!) te reserveren voor een op te richten standbeeld van Karel de Grote. Dit beeld was kennelijk bedoeld als tegengif voor de twijfel aan de historische traditie, een twijfel die zelfs in Nijmegen door velen wordt gedeeld. Het staat nu vast, dat een standbeeld van Karel de Grote geen enkel bestaansrecht heeft in Nijmegen, evenmin als het beeld van Traianus, tenzij men deze zou willen oprichten als een ironisch uitroepteken achter een mystificatie, of als afscheidsgebaar aan een gewogen en te licht bevonden historische traditie. Aan de belangrijke som kan Nijmegen een andere bestemming geven, ditmaal niet legendarisch. Daar het zelden voorkomt, dat de historische wetenschap tot direkte financiële gevolgen leidt, beschouwen wij het als een uitzonderlijk voorrecht, dat wij door middel van een historische studie in staat zijn aan de gemeente Nijmegen een materieel voordeel te bezorgen, subsidiair een overbodige uitgave te vermijden. In de discussie die op gang kwam bleken toch meerdere Nijmegenaren van zins dat het een goed bestede som geld was, op een nuchtere huismoeder na, die het liever besteed zag aan herstel van de schade van o.a. het 'vergissingsbombardement' van de Amerikaanse geallieerden op 22 februari 1944 in de Tweede Wereldoorlog. Zie hiernaast!

De visie van Albert Delahaye.
"DE NAAMLOZE", de Anonymus, de Grote Onbekende moet men dit standbeeld noemen, weggestopt in het parkje van het Keizer Karel-plein, waar men het slechts met levensgevaar kan gaan zien vanwege het daar rondcirkelend verkeer. Het fraaie beeld staat op een gruwzame, bladderende en vloekende cementen sokkel, die een dorpsmetselaar niet op zijn naam zou willen hebben. Een opschrift ontbreekt, omdat de gemeente Nijmegen van de ene kant geen zinnige tekst bedenken kon toen zij dit standbeeld oprichtte in een amechtige poging om de Keizer Karel-traditie van de stad te redden, van de andere kant niet wilde laten opvallen dat dit pas in 1962 (na 12 eeuwen!) gebeurde. Omdat reeds in brede kring getwijfeld werd aan de waarheid van de traditie, zette de gemeente een beeld zonder naam in haar voortuin neer, sprak zich niet verder uit, riskeerde het gevaar dat de argeloze voorbijganger dit zou beschouwen als een gekroonde boskabouter te paard, en had zelfs de uitwijkmogelijkheid, àls het ooit misliep, om te zeggen dat het zomaar een mooi beeld is. Het kon dan ook niet uitblijven dat het de grootste flop moest worden in de vaderlandse geschiedenis, nog erger dan het beeld van St. Willibrord te Utrecht, dat enige vergeving verdient omdat het lang vóór het kritisch historisch onderzoek is opgericht. Het gelaat van de keizer vertoont een grimmige uitdrukking. De ontwerper van het beeld heeft blijk gegeven van een uitzonderlijk kritisch inzicht: Karel de Grote spreekt zijn ongenoegen uit dat hij op de verkeerde plaats staat. het beeld moet tot in lengte van jaren blijven bestaan als een schandvlek voor Nijmegen en haar geschiedenis. Net als het standbeeld van Trajanus eenzelfde miskleun is geweest.
Aanvankelijk was het beeld niet voorzien van een naambordje, vandaar 'De Naamloze of de Anonymus'. Na het commentaar van Delahaye werd dat naambordje alsnog snel aangebracht! Zie afbeelding in de linker kolom.

Het standbeeld mag eerder gezien worden als de bekroning van een traditie van zeven eeuwen en als een uitroepteken achter het denkbeeld der Karolingische traditie van Nijmegen. Of de residentie Noviomagus al dan niet in Nijmegen heeft gelegen, feit is, dat Nijmegen eeuwen lang in dit bewustzijn heeft geleefd, hetgeen vanzelfsprekend van grote invloed is geweest op het denken en handelen van de stad. Of dit denkbeeld ook overeenstemde met de historische werkelijkheid, is weliswaar belangrijk, maar toch een andere zaak. Over het feit derhalve, dat het standbeeld is opgericht, mag niemand toornen, zelfs als straks blijkt, dat Karel de Grote in het geheel geen residentie in Nijmegen heeft gehad. Het zou wel te betreuren zijn, als de kritische zin van de Nederlandse historici zou afstompen door de pracht van het standbeeld, en zich zou laten verleiden de aanwezigheid in beeld van Karel de Grote in Nijmegen te transponeren tot een historische werkelijkheid of waarheid en hiermee het bewijs te zien dat Karel de Grote inderdaad aanwezig was in Nijmegen. Opdat dit niet gebeure, heeft Albert Delahaye mede meerdere resultaten in zijn studies gepubliceerd.
Al is het sommigen in het verkeerde keelgat geschoten, dat dan toch het juiste was, dan wil ik de “Club van Nijmegen” wel de verzekering geven, dat dit boek straks op de lijst van verplichte literatuur voor de historische studenten zal staan. Het zal nog eeuwen een bron van vermaak vormen; een archivaris werkt tenslotte voor de eeuwigheid. Dat enkele figuren een standbeeld van onbenul kregen, kan ik niet helpen; dit is hun eigen schuld.

Wanneer Nijmegen zo pertinent van mening is, dat Karel de Grote op het Valkhof resideerde en dat de burcht van Barbarossa de direkte opvolger, op dezelfde plek, van het Paleis van Karel de Grote was, dan had de stad het in 1962 opgerichte standbeeld van Karel de Grote op het Valkhof moeten zetten. Het is integendeel weggestopt midden in het plantsoen van het Keizer Karel-Plein, een rotonde tussen acht wegen, waar het slechts met levensgevaar te bereiken en te bezichtigen is. De reden voor deze vreemde plaats is zo helder als glas. Het gemeentebestuur durfde het niet aan dat beeld op het Valkhof te zetten, waar het noodzakelijkerwijs de funktie zou krijgen van de inwoners en de toeristen met de neus op de allerwegen heersende twijfel aan Karolingisch Nijmegen te drukken. Deswege werd het voorlopig opgeborgen op een vrijwel onbereikbare plaats om te zijner tijd, wanneer de zaak definitief ten gunste van Nijmegen zou zijn beslist, in triomf naar het Valkhof te worden overgebracht. De gemeente heeft wijselijk van deze stap afgezien, zelfs na twee Bronnenboeken. Men kan haar alleen adviseren het standbeeld voor een appel en een ei aan Noyon te verkopen, de enige plaats in Europa waar het thuis hoort. Appel en ei zijn symbolisch. Volgens de Bijbel begon alle ellende op aarde met een appel, en het ei is in de oosterse mystiek het symbool van wederopstanding tot een nieuw en beter leven. Het zou tevens een daad van eenvoudige rechtvaardigheid zijn, daar de Nijmeegse brallende historici de stad Noyon drie eeuwen van haar geschiedenis ontroofd hebben.






Lees het boek "De Ware Kijk Op" voor al deze en andere teksten en oordeel zelf!

Terug naar de beginpagina.
Het Bronnenboek van Nijmegen weerlegt de Karolingische geschiedenis van Nederland.
Naar het overzicht in het kort.