| Terug naar de beginpagina. | Naar het overzicht in het kort. |
|
| ||||
![]() Kerken in Holland ![]() Kerken in Brabant ![]() Kerken in Friesland ![]() Kerken in Oost-Nederland ![]() Kerken in Utrecht |
Aan deze pagina wordt nog gewerkt!![]() De oudste St.Willibrordkerk van Nederland (uit 1157) stond op de Raamberg in Zundert en was gesticht vanuit Tongerlo in België en niet vanuit Utrecht. |
Vanwege de omvangrijke naschrijverij, lezen we bij verschillende historici dezelfde opvattingen over de oudste kerken en plaatsen. Of het nu gaat om D.P.Blok. P.A.Henderikx, C.Dekker of H.J.Kok, de nnaschrijverij is frappant. Feitelijk is het ook niet verwonderlijk, immers de betrokken historici geven elkaar op als bron en bevestigen klakkeloos elkaars opvattingen. Dat is ook de reden dat deze opvattingen onuitroeibaar blijken. Ze staan in alle boeken en artikelen over de oudste kerken en plaatsen in Nederland. H.J.Kok, Enige patrocinia in het Middeleeuwse bisdom Utrecht, Assen 1958.Volgens Kok valt het heel sterk op, dat in Noordelijk Nederland geen enkele oudere kerk onder het patronaat van St.Willibrord is gesteld. "In het gehele oude bisdom Utrecht, dat zich toch de kerkprovincie van St.Willibrord noemt, kwam zijn patronaat niet voor". "Dit frappeert zeer bijzonder in Friesland, waar de gevestigde mening toch het zwaartepunt van zijn missionering legt, en waar in de vroege Middeleeuwen talrijke kloosters en kerken getuigen van een sterk gevestigd katholicisme". Als dit zijn oorsprong te danken heeft gehad aan de prediking van St.Willibrord, dan getuigt het van een onvergeeflijke ondankbaarheid, dat de grondlegger van het geloof niet eens meer is genoemd! De conclusie van dit onderzoek lijkt gering, maar is natuurlijk van cruciale betekenis. De oudste kerk in Nederland met het patronaat van St.Willibrord is die van Klein-Zundert (1157), vlak aan de Belgische grens onder Breda, die gesticht werd vanuit de abdij van Tongerlo. Daarmee wordt exact geïllustreerd van welke kant de verering van St.Willibrord Nederland binnen kwam.
De visie van Albert Delahaye.
In de historische wereld bestaat een ongekende vorm van naschrijverij bij de patrocinia van kerken. Alsof historici elkaar niet durven tegenspreken bij zoiets 'heiligs' als de naam van een patroonheilige van een kerk of plaats. In deze zaak van historische misvattingen is het merkwaardig, dat niet-katholieke of a-religieuze historici er niet gemakkelijk toe komen om een legende af te kraken, vermoedelijk uit welbewuste of intuïtieve vrees, dat zij misschien als anti-klerikaal of anti-rooms uitgemaakt zouden kunnen worden. Katholieke historici hebben daar minder moeite mee, omdat zij het eigen nest wel kennen. Zij waren trouwens al vanaf de 17e eeuw op hun hoede, toen de grote Franse historicus Jean Mabillon, zelf priester en Benedictijn, keihard schreef dat in de grote en brutale vervalsingen van oorkonden en historische teksten onze "lieve Moeder de H. Kerk" helaas 'de eerste viool' heeft gespeeld. Wat weten we uit het hele betoog van Henricus Josephus Kok? Het hele betoog van H.J.Kok is gebaseerd op de traditionele opvattingen. Het is de traditionalistische methode ten voeten uit, om een bewering te staven aan, of een beroep te doen op, of te verwijzen naar een collega die hetzelfde beweerde. De feitelijke bron is echter moeilijk toegankelijk, zodat niet gecontroleerd kan worden wat die schrijver nu eens precies beweerde en vooral waarop die bewering gebaseerd was. Moeilijk toegankelijk? Niet toegankelijk vanwege een 'betaalslot' of een 'college-code'! Het gaat om de uitgave van Henricus Josephus Kok Proeve van een onderzoek van de patrocinia in het middeleeuwse bisdom Utrecht. Het is een proeve, een proefschrift voor de Universiteit van Amsterdam voor het verkrijgen van een dokterstitel. Je komt dit proefschrift op allelei websites en in nog veel meer artikelen en boeken tegen en wel zo frequent dat je bijna gaat geloven dat wat erin beweerd wordt, wel de waarheid zal zijn. Maar zoals opgemerkt: moeilijk, zelfs niet toegankelijk. Immers wat schreef Kok nu precies en waarop baseerde hij zijn opvattingen? Enig onderzoek leert al snel dat hij slechts anderen naschrijft. Je gaat in zo'n proefschrift natuurlijk je promotor niet tegen de haren instrijken, dan kun je de promotie wel vergeten. Neen, je sluit je netjes aan bij de algemeen aanvaarde traditionele opvattingen. En dat is precies wat er ook hier gebeurd is. Kok schrijft slechts anderen na, maar maakt, in navolging van die anderen, enkele fundamentele fouten. De fundamentele fouten. Dit proefschrift van Kok bevat de vroegste vermelding van bepaalde patrocinia (het vernoemen van een kerk naar een heilige) met bijzonderheden over de betreffende parochie. Het proefschrift zelf is niet te vinden, wel een recensie en enkele artikelen waarin een verwijzing naar Kok. Het blijkt dat Kok meent uit de naam van de patroonheiligen van een kerk, de stichting en de ouderdom van de kerk te kunnen bepalen. Dat is dus een fundamentele fout. Hoe zit het dan als de naam van de patroonheilige gewijzigd is, zoals in Medemblik?
Het komt er op neer dat het betoog van Martine De Reu gebaseerd is op achterhaalde opvattingen uit vervlogen tijden, van auteurs die fundamentele fouten maakten, maar nu als referentie dienen. Zij heeft uit de teksten van de door haar geciteerde schrijvers slechts die gegevens gehaald, die haar betoog ondersteunen, zonder zich te bekommeren om de tegenspraak in diezelfde teksten. SIC (sic)!
|
| Terug naar de beginpagina. | Naar het overzicht in het kort. |