Terug naar de beginpagina. Naar het overzicht in het kort.

Julius Caesar: Commentarii de bello Gallico.


Met het boek 'Commentarii de Bello Gallico' (meestal afgekort tot 'Bello Gallico') treedt westelijk Europa -volgens de traditionele opvattingen- de geschreven geschiedenis binnen.

Van het begin af aan is dit boek misverstaan en zijn hieruit conclusies getrokken, die bij nadere beschouwing onjuist blijken te zijn.

Heb je eenmaal de dwanggedachte losgelaten dat de Romeinse Renus de Rijn is en Germania Duitsland zou zijn, dan zijn een aantal tot heden voor onjuist of onzorgvuldig overgeleverde of later toegevoegde details te plaatsen in Noord-Frankrijk, waar in werkelijkheid het Germania van Tacitus lag.

Houtsnede uit 1487 waarop Julius Caesar is afgebeeld te Nijmegen (Numaghen).

Dat Julius Caesar de stichter van Romeins Nijmegen geweest zou zijn, wat in de 15 en 16e eeuw nog werd gedacht, wordt door geen enkele historicus meer voor juist gehouden.


Archeologisch staat het ondertussen volkomen vast dat Julius Caesar nooit in het huidige België is geweest.
De Romeinen sloegen dagelijks volgens een vast patroon een kamp op. Daarvan is in België uit de tijd van Caesar nooit iets gevonden. Deze bevindingen van prof.H.Thoen worden weersproken door Hans Rombaut, maar bevestigd door Van Es, die stelt dat er geen enkel archeologisch of tekstueel bewijs is dat de Romeinen in 50 v.Chr. al in Nederland zijn geweest.
Dr.W.A. van Es is hierover duidelijk genoeg als hij schrijft: "De schriftelijke overlevering biedt dan ook geen doorslaggevende argumenten om de Romeinse tijd in ons land met de periode van Caesar te laten beginnen. Archeologische aanwijzingen daarvoor zijn er al evenmin". (Bron: De Romeinen in Nederland, p.25.)

Uit eigen waarneming beschrijft Julius Caesar de Renus en het Eiland der Bataven. Als Caesar nooit in Nederland is geweest, heeft hij de Renus en het eiland der Bataven dus niet in ons land, maar elders gezien. Als dan vermeld wordt dat hij vanaf het eiland der Bataven overstak naar Engeland, is wel duidelijk waar dat eiland dan gelegen moet hebben: op de normale oversteekplaats naar Engeland, op de tinroute.

De strijd van Julius Caesar tegen Tencteren en Usipeten heeft zich ook niet in of bij Nederland voorgedaan, maar in Noord-Frankrijk.

Dat de Nederlandse opvattingen onhoudbaar zijn, blijkt ook uit de verschillende interpretaties van de klassieke teksten bij de verschillende historici. Zo maakt A.W. Byvanck van de Renus soms de Maas en maken W.A. van Es en J.E. Bogaers er wel eens de Waal van. De toepassing van Renus op de Rijn blijkt niet te kloppen en daarom wordt de tekst zonder meer op andere rivieren toegepast.

Andere klassieke schrijvers geven duidelijk aan waar de Renus en het eiland der Bataven gezocht moeten worden.
"De Renus is een rivier in Gallia waar men op Engeland uitziet en die de Germanen van Gallia scheidt". (Bron: Servius, Commentarius in Vigilii Aeneiden, VIII, 727).
"Het eiland Engeland strekt zich in de Oceaan in de lengte naar het noorden uit. In het zuiden ligt het tegenover Gallië. Voor hen die oversteken verschijnt als eerste en dichtbij zijnde kust de stad, die Rutupi Portus (Richborough) wordt genoemd. Vandaar heeft men het zicht op de Menapii (Cassel) en de Batavi, niet ver van de Morini (Terwaan ) die meer naar het zuiden wonen". (Bron: Orosius, Historiae I, 2, 76).

Conclusie:
De Romeinse Renus is dus niet de Rijn is en het Eiland der Bataven niet de Betuwe. Alles wat van deze verkeerde uitgangspunten is afgeleid zal herzien moeten worden. En dat is dus de gehele geschiedenis van West-Europa vanaf de Romeinse tijd tot in de 12e eeuw.


Er zijn geen schriftelijke, noch archeologische bewijsredenen om de Romeinse tijd in Nederland met Caesar te laten beginnen. Bron: J.Hendriks.

Nu dat eenmaal is vastgesteld zal men de hele vaderlandse geschiedenis van Julius Caesar moeten herzien. Zijn strijd tegen de Eburonen bijv. heeft zich dan ook niet in Limburg voorgedaan, maar in Noord-Frankrijk rond Beaurain.
Caesar schrijft over zijn strijd met Ambiorix dat de Eburonen bij de Menapii woonden: "Dichtbij de Eburonen, achter een lijn van moerassen en wouden, wonen de Menapii, die nooit vredegezanten stuurden. Zij waren vrienden van Ambiorix". (De Bello Gallico V, 24). Het gaat hier niet over Limburg, maar over Frans-Vlaanderen!

In 10 dagen liet Julius Caesar een paalbrug bouwen over de Renus. Hij is dan bij Castellum = Cassel de hoofdstad van de Menapiërs, die nooit vredesgezanten naar Julius wilden stuurden. Hij was bang voor de Suevi, die in 102 v. Chr. Rome hadden geplunderd. Na 18 dagen liet Caesar de brug weer afbreken en gaat met zijn leger naar het land van de Morinen, omdat van daaruit de dichtste oversteek naar Brittannië mogelijk was. Hij bevindt zich dan dichter bij het huidige Calais dan bij Utrecht of ergens in Duitsland.
Deze tekst uit de Bello Gallico IV, 17-20 maakt zeer duidelijk waar de Romeinse Renus zich bevindt: in Frans-Vlaanderen.


Bij de plaats Wissant, gelegen tussen cap Gris-Nez en cap Blanc-Nez, lag het voormalige kamp van Julius Caesar vanwaar hij de overtocht naar Engeland maakte. De plaats staat nog steeds bekend als "Camp de César".

Over de Gallische oorlog.

Onder Gallië wordt traditioneel, maar onjuist, het gebied van het huidige Frankrijk, België en zuidelijk Nederland begrepen. De eerste vraag die gesteld moet worden is: "Wat verstond Julius Caesar onder Gallië?"

We moeten dan scherp onderscheid maken tussen wat Juliuus Caesar zelf mededeelt en wat de historici er later van gemaakt hebben. En daarin zit de nodige tegenspraak.
Als Caesar schrijft dat heel Gallië is onderworpen, blijkt hij in enkele delen van Frankrijk, in België en in Zuid-Nederland niet eens geweest te zijn. Hoezo heel Gallië?

Ook hier is sprake van twee bronnen: de archeologie en de geschreven teksten. Als deze niet met elkaar overeenkomen, kan men er geen enkele conclusie uit trekken. Helaas is dat te vaak wel gebeurd en kwamen Germaanse stammen op een plaats terecht waar geen enkel bewijs voor was. Zo kwamen de Menapii langs de grote rivieren in midden-Nederland terecht, terwijl deze stam aan de kust van Het Kanaal woonde, waar ook hun hoofdstad Castellum Menapiorum (Cassel) lag.

Op veel plaatsen waar Julius Caesar en zijn vele legioenen volgens de traditie geweest zouden zijn, zijn nooit grootschalige archeologische sporen aangetroffen. In België is bijvoorbeeld nooit iets teruggevonden uit de tijd van Julus Caesar. En de Romeinen sloegen op hun veldtochten toch dagelijks een groot kamp op. Als daarvan niets wordt teruggevonden, kan slechts de conclusie zijn dat ze er niet geweest zijn.

In hoeverre "De Bello Gallico" ongeschonden is overgeleverd is een volgende steeds integrerende vraag geweest. Er zijn altijd vragen geweest over geografische mededelingen die Caesar noemt. Enkele gezaghebbende historici houden daarom verschillende mededelingen van Julius Caesar als interpolaties (later ingevoegde tekstdelen). Zo beschouwde A.W.Byvanck de mededeling over de Bataven (IV,10) als zodanig.
Ook mededelingen over de Renus komen wel eens niet overeen met de veronderstelde geografische werkelijkheid. Daarom wordt onder de Renus wel een de Waal of de Maas begrepen (zie voorbeelden hierna, o.a. bij Byvanck, Van Es en Bogaers).

De volgende vraag die historici al jaren parten speelt is: "In hoeverre zijn de cijfers die Caesar noemt een propaganda geweest en niet geënt op de werkelijkheid?"
"Commentarii de Bello Gallico" kan men beschouwen als een zakelijk verslag van de veldtochten van Caesar in Gallië voor de Senaat. Het 'overdrijven' van de overwinningen en de grootte van de legers van de tegenstanders, zal zeker een rol hebben gespeeld bij het verkrijgen van meer al of niet financiële steun van de Senaat. Dit thema is van alle tijden.

Commentarii de Bello Gallico.

Het eerste hoofdstuk in dit boek stelde de historici al voor enkele bezwaarlijke problemen.
"Gallië bestaat in zijn volle uitgestrektheid uit 3 delen: één daarvan wordt bewoond door de Belgen, een ander door de Aquitaniërs en het derde deel door mensen die in hun eigen taal Kelten en in onze taal Galliërs genoemd worden. Deze drie volkeren verschillen alle drie onderling op het punt van taal, instellingen en wetten. De Galliërs worden door de Gerunna (Garonne) van de Aquitaniërs, door de Matrone (Marne) en Sequana (Seine) van de Belgen gescheiden".
Wat verstond Caesar onder Gallië? Naar de Galliërs is het hele land en ook dit boek genoemd, terwijl slechts in één van de 3 delen Galliërs woonden volgens Caesar. Waarom is het boek niet naar de Belgen genoemd, immers de Belgen waren volgens Caesar het dapperst en hebben het langst weerstand geboden tegen de Romeinse legers.

In boek I (I.1.1) over de indeling van Gallië wordt de Renus drie keer genoemd, telkens in relatie met de Belgen, en wel in de volgende 3 passages:
  • De Belgen zijn de naaste buren van de Germanen, die aan de overzijde van de Renus woonden en met wie zij voortdurend oorlog voeren.
  • Het land der Belgen komt ook aan de kant van de Sequani en Helvetes tot aan de Renus en strekt zich verder uit naar het noorden (opmerking: hier moet dus het westen begrepen worden. Zie aldaar) .
  • Het gebied van de Belgen begint bij de uiterste grens van dat van de Galliërs en reikt tot aan de benedenloop van de Renus en strekt zich uit naar het noordoosten (zie vorige opmerking.).

    De Renus in altijd opgevat als de Nederlands/Duitse Rijn. Maar als je deze teksten letterlijk leest, klopt het niet met de traditionele opvattingen. Het betekent dan dat het gebied van de Belgen in Duitsland en Noord- Nederland gelegen zou hebben. Van Zwitserland (Helvetii) tot zelfs in Overijssel en Drente (van de benedenloop van de Rijn naar het noordoosten.) wat volledig uitgesloten is.
    De Belgen zouden ook voortdurend met Germaanse stammen over de Rijn oorlog gevoerd hebben. Welke stammen waren dat in ons land? Welke stammen waren dat in West-Duitsland?

    De volgende passage in dat eerste hoofdstuk stelt ons voor een nieuw raadsel:
    "De Belgen waren het verst verwijderd van de beschaafde levenswijze van de Provincie (Provence). Ook doordat ze maar weinig bezoek krijgen van kooplieden en er in hun land dus bijzonder weinig luxe artikelen worden ingevoerd, die de verslapping in de hand werken".(Uit "Caesar, de Gallische oorlog", vertaling: F.H.van Katwijk).

    Het verst verwijderd? Dat moet men dus letterlijk opvatten, aangezien de volgende zin met het woordje "ook" begint, waar het duidelijk figuurlijk bedoeld is. (In de traditionele en meestal gehanteerde vertaling van J.Doesburg is sprake van "eensdeels" en "anderdeels", dus ook hier is sprake van een nevenschikking.)
    LET OP: Julius Caesar begreep al dat luxe goederen verslapping in de hand werkten. In de huidige 21e eeuw nog steeds zeer actueel!

    A.W. Byvanck bevestigt deze opvatting in "Nederland in den Romeinschen tijd". De gebieden van de Belgae waren het verst verwijderd van de provincie en daarom het minst beschaafd. Het gebied van de Belgae reikte in het noorden tot aan de Rijn (p.41), dus tot in ons land, concludeert Byvanck. Echter juist in dat noorden aan de grote rivieren plaatst Byvanck het volk van de Menapiërs: "van de wadden en eilanden aan de monden van Schelde en Maas, verder langs de grote rivieren in Brabant tot bij Nijmegen, Kleef en Xanten en in de laatste streek ook aan de overzijde van de Rijn" (p.44 en 55). Een erg omvangrijk volk, die Menapiërs. Geen wonder dat Julius Caesar ze ook niet kon verslaan. Maar hoe moet je dan opvatten, dat ze zich in de bossen en moerassen terugtrokken bij de nadering van het Romeinse leger (p. 44 en 48)? Je kunt je toch moeilijk voorstellen dat de Romeinen over de volle breedte van Zeeland tot Kleef met een leger naar het noorden trokken, waarna de Menapiërs zich in de bossen en moerassen terugtrokken. Welke moerassen in Brabant en het rijk van Nijmegen zouden dat geweest kunnen zijn?
    Maar van een aanwezigheid van de legers van Caesar is in België al nooit iets gebleken, laat staan in Nederland.

    Byvanck geeft hierbij terecht ook al aan dat hier "het probleem van de Rijn en zijn betekenis als grensrivier" naar voren komt. (Met in de voetnoot een verwijzing naar R.von Schehila, die Wassergrenze (1931). Byvanck heeft hier dus al begrepen dat het grotere geografisch overzicht, maar ook de geografische details niet passen in de traditionele opvattingen.
    Vandaar dat hij eerder al concludeerde (p.35) dat enkele van de geografische uitweidingen "later aan de tekst van Caesar zijn toegevoegd", omdat deze (wat Byvanck niet schrijft maar wel bedoeld) "slecht gestelde uitweidingen niet kloppen met de zo graag gehanteerde traditionele opvattingen".

    Na de overwinning op Ariovistus, koning van de Sueben in 58 v.Chr., was Caesar meester van heel Gallië met uitzondering van het land der Belgae in het noorden (p.41 en 53). Maar de Morini "waar de oversteek naar Engeland was" en Menapiërs bleven onafhankelijk. In het land van de Menapiërs is Caesar toen (in 56 v.Chr.) niet eens gekomen (p.54). Hoezo heel Gallië tot aan de Rijn veroverd?
    Wat verstond Caesar nu feitelijk onder Gallië als hij het land der Belgen, toch het derde deel van Gallië, en van de Morini en Menapiërs nog niet veroverd had? Hoorden de Belgen nu wel of niet bij Gallië?

    De Menapiërs worden door Byvanck zonder verdere opgave van redenen plots verplaats naar het zuiden van Vlaanderen. "Onder omstandigheden die ons niet bekend zijn", zoals hij schrijft (p.44). Ofwel, die aanvankelijk plaatsing in ons land bleek foutief, dus het volk maar even verhuizen naar de juiste streek. Waarom en hoe? Het blijft hypothetisch giswerk, waarop de fundamenten van onze geschiedenis zijn gebaseerd.

    De Usipetes en Tencteren waren in het land van de Menapiërs aan de rechteroever van de Rijn ten noorden van de Lippe gekomen. Zij vielen onverhoeds de Menapiërs aan, maakten zich meester van hun schepen en konden de Rijn oversteken en bezette het land van de Menapiërs in het noorden van Gallië (p.55). Ter voorbereiding van een expeditie tegen de Usipetes en Tencteren riep Caesar de voornaamste Gallische stamhoofden bijeen te Amiens.

    Zet hier eens de traditionele opvattingen, waarbij het geheel zich zou hebben afgespeeld bij Wezel, Xanten, Kleef of Emmerich (Byvanck p.55) of bij Gorinchem of St.Andries (Van Es p. 24), tegenover de opvatting van Albert Delahaye, die het geheel in Noord-Frankrijk aan de kust van het Kanaal plaatst. Dan is een samenkomst van stamhoofden in Amiens ter voorbereiding van een expeditie geheel logisch. Dan zijn ook locaties als Renus=Schelde en Lippia=Lys logisch en verklaarbaar.
    Niet Caesars "geografische uitweidingen zijn slecht gesteld", maar met wat de historici er later van gemaakt hebben is het slecht gesteld. Daar klopt gewoon niets van. Het is wel duidelijk dat Caesar hier met Renus niet de Rijn bedoeld kan hebben.



    This sketch shows how Julius Caesar is likely to have seen Gaul and Britain. "Cantium" written in the right hand corner of Britain is Kent. The Pyrenees are shown to the left, protecting "Hispania". Working left to right we have: Aquitania, the Garonne, "Liger" - the Loire, Gallia Celtica, the "Sequana" river - the Seine, Belgium, the "Renus" river and Germany. The Alps are at the bottom right. Marseilles is the city at centre bottom.

    Opvallend is dat de verschillende landkaarten die nadien gemaakt zijn van 'Gallië in de tijd van Caesar' vooral in Noord-Frankrijk zo sterk verschillen. (zie de verschillende kaarten in de historische atlassen). Blijkbaar zijn er al langer verschillen van inzicht over de gebieden waar juist de studie van Albert Delahaye over gaat. Delahaye was dus helemaal niet de enige die de ongerijmdheden ter discussie stelde. De geografen gingen hem voor. Waarmee eens te meer is aangegeven dat de hele problematiek een geografisch probleem is. Vandaar de titel van het in 1965/1966 in twee delen verschenen boek "Vraagstukken in de historische geografie van Nederland".


    Wat weten we nu feitelijk echt?
  • Julius Caesar beschrijft in de 'Bello Gallico' zijn veldtochten in Gallië.
  • Het grondgebied van Nederland heeft nooit tot Gallië behoord.
  • Archeologisch is vastgesteld dat Julius Caesar nooit in Nederland of België is geweest.
  • De landstreken en volkeren die hij in het noorden beschrijft moeten dus in Noord-Frankrijk gezocht worden.
  • Vanuit het eiland der Bataven steekt Julius Caesar over naar Engeland.
  • De Bataven woonden tussen de Morini en Menapiërs aan de kust van Het Kanaal in Frankrijk.
  • Dat eiland lag dus aan de kust van Het Kanaal, waar je "de overkant" kunt zien en waar al eeuwen de gebruikelijke oversteekplaats naar Engeland was en nog steeds is. De Kanaaltunnel geeft dat ook al aan.
  • Als de Bataven in westelijk Noord-Frankrijk woonden is het ook begrijpelijk dat ze bij Julius Caesar in het leger dienden, voordat er een Romein in Nederland was geweest. Het is dan ook te begrijpen dat de Bataven nog steeds in de Romeinse legers dienden, nadat de Romeinen rond 260 uit Nederland vertrokken waren. Ze woonden nog steeds binnen het Romeinse Rijk, toen de Franken in de 5e eeuw de macht overnamen.

    Conclusie:
    Julius Caesar versloeg de Usipeten en Tencteren bij de monding van de Rhenus. Aangezien Caesar nooit in België is geweest, laat staan in Nederland, is de plaatsing van deze veldslag in Nederland of zelfs in Duitsland een farce. De plaats van deze veldslag wordt door alle historici steeds op andere plaatsen gelocaliseerd, echter nooit aan de monding van de Rijn.
    dus kan de Renus nooit de Rijn zijn geweest, maar komt het stroomgebied van de Schelde beter in aanmerking.



    Lees het boek "De Ware Kijk Op" en oordeel zelf.