Terug naar de beginpagina. Naar het overzicht in het kort.

De Romeinen in Nederland.

Nieuw archeologisch onderzoek zet de traditie op haar kop!
De Rijn was geen verdedigingsgrens tegen invallen van Germaanse volkeren, maar slechts een bewaakte transportroute!
Zie ARCHEObrief.


Zoeken naar namen en plaatsen.
Vanaf het moment dat men zich realiseerde dat Nederland een Romeins verleden had, is er geprobeerd om historische namen en gebeurtenissen met huidige plaatsnamen en streken te verbinden. Dat leverde interessante discussies op, die voortduren tot op de dag van vandaag. Want in feite is het niet absoluut zeker dat de plaatsen waaraan in de vorige hoofdstukken (van dit boek, red.) zo stellig een Romeinse naam is gegeven, ook werkelijk zo heetten. Bron: E.v.Ginkel & L.Verhart.

De geschiedenis van Romeins Nederland dient zowiezo herschreven te worden. Momenteel maakt vooral de commercie er een geschiedenis van grote alure en met rijke culturele tradities van. Het was echter een geschiedenis van onderdrukking, uitbuiting en de handel in slaven. Het Romeinse Rijk was gebaseerd op onderlinge rivaliteit, op machtswellust en op slavenhandel. Het was een slavenmaatschappij, waarbij slaven als 'verbruiksproduct' werden beschouwd. Alle monumentale gebouwen en overblijfselen die zo verheerlijkt worden, zijn niet door de Romeinen zelf gebouwd, maar door hun slaven, die met honderden tegelijk stierven onder erbarmelijke omstandigheden. De houding van de Romeinse overheersers bij de kruisdood van Christus staat model voor hun mentaliteit. Slechts door bedrog en moord konden zij hun macht handhaven.
In de geschiedenis van het Romeinse Rijk was Nederland een wingewest, slechts gebruikt voor de slavenhandel. Een verdedigingsgrens tegen invallende Germanen is het nooit geweest. Een vergelijking met de overheersing en onderdrukking in de Franse Tijd en de Tweede Wereldoorlog is dan ook volkomen terecht. Die tijd wordt wel herdacht, maar niet verheerlijkt, wat met de Romeinse Tijd wel gebeurt. Je kunt je toch niet voorstellen dat we nog eens de Tweede Wereldoorlog gaan 'naspelen' zoals in het Archeon gebeurt met die Romeinse overheersing? De strijd tussen de cowboys en de Indianen in de Verenigde Staten wordt toch ook niet meer verheerlijkt?
In Nederland heeft het tot 1863 moeten duren voordat de slavenhandel officieel werd afgeschaft. De onderdrukking, uitbuiting en achterstelling van volkeren heeft langer voortgeduurd, zoals wel blijkt uit de Max Havelaar van Multatuli. Ook die geschiedenis is herschreven. Nu rest ons die Romeinse tijd te herschrijven, te beginnen bij Julius Caesar.


De boeken van Byvanck en Van Es, twee deskundigen over Romeins Nederland, bevestigen de visie van Albert Delahaye over de Romeinse tijd in Nederland op een even opmerkelijke als onnavolgbare wijze. Op ontelbare punten waar Delahaye zijn twijfel uitte, wordt die twijfel bevestigd door zowel Byvanck als Van Es.
Wie moeite heeft met de opvattingen van Albert Delahaye zal eerst deze 2 studies moeten lezen, voordat men de visie van Delahaye als "onmogelijk" verwerpt.

Gentse professor in de Romeinse archeologie bewijst het gelijk van Albert Delahaye.
Prof. Hugo Thoen: "Ik zoek al vijftig jaar naar bewijzen van Caesars aanwezigheid in België, maar heb nooit iets gevonden."
Alles in de Romeinse geschiedenis van Nederland en België wat van de foutieve veronderstelling is afgeleid dat Caesar tot in onze streken is geweest, zal herschreven moeten worden.

De belangrijkste studies over de Romeinse traditie in Nederland zijn onmiskenbaar de boeken van A.W. Byvanck en W.A. van Es. Deze studies vormen nog steeds het uitgangspunt van de Romeinse tradities in Nederland. Beide uitgaven worden hier uitvoerig besproken, zodat iedereen zich een onafhankelijk beeld kan vormen over het ontstaan van de Nederlandse traditie. We laten voornamelijk de schrijvers zelf aan het woord met letterlijke citaten.

Dr.A.W. Byvanck, Nederland in den Romeinschen tijd, 2 delen, Leiden 1943-1944.

Dr. A.W. Byvanck wordt nog steeds beschouwd als dè autoriteit op het gebied van Romeins Nederland.
In het voorwoord van deel 1 van "Nederland in den Romeinschen tijd" schrijft Byvanck dat hij al in 1914 de opdracht kreeg een boek te schrijven dat de bronnen van de Romeinse geschiedenis zou bevatten. Hij heeft alle bronnen verzameld in zijn boek Excerpta Romana (3 delen 1930-1935-1940), dat als uitgangspunt diende voor "Nederland in den Romeinschen tijd". Die bronnen waren de klassieke Griekse en Romeinse teksten, de inscripties die zowel in Nederland als daarbuiten zijn gevonden en de Romeinse overblijfselen die in de bodem van Nederland zijn ontdekt.

Zijn boeken zijn dus gebaseerd geweest op alle bronnen die men tot de beschikking had en op de totale kennis over de Romeinen in zijn tijd. Of zoals Byvanck het formuleerd: de gegevens van de geschiedenis voor deze periode zijn zo volledig mogelijk verwerkt. In deze publicatie moet men ook de rechtvaardiging zoeken van hetgeen in het geschiedverhaal onmiddelijk betrekking heeft op de historie van Nederland. Met andere woorden, meer dan in dit boek beschreven wordt hebben we niet. Naderhand zijn er uiteraard zaken aan de toenmalige kennis toegevoegd of herzien, maar de wetenschappelijke kennis over de geschiedenis van de Romeinen begon bij Byvanck. Op zijn uitgangspunten is de verdere traditie door anderen uitgebouwd, steeds verwijzend naar de bevindingen van Byvanck. En dat die traditie feitelijk erg wankel, zeg maar gerust één groot vraagteken was, mag blijken uit dit boek zelf, waarin nog veel op vermoedens gebaseerd en aan twijfel onderhevig was. Byvanck is hierover soms opmerkelijk duidelijk.
Feitelijk bevestigt het boek "Nederland in den Romeinschen tijd" die visie van Albert Delahaye op een even verrassende als markante wijze.

Dr.W.A. van Es, De Romeinen in Nederland, 3e druk, 1980.

Het boek "De Romeinen in Nederland" van W.A. van Es, is bij veel historici waarschijnlijk net zo onbekend als "De Ware Kijk Op" van Albert Delahaye.
Archeoloog Van Es (zie noot) geeft in dit boek een beschrijving van de Romeinse tijd in ons land, waarbij hij de traditionele geschiedenis volgt. Bij hem wordt de Renus steevast als Nederlandse en Duitse Rijn opgevat, hoewel hij er enkele keren niet uitkomt en dan Renus maar met Waal "vertaald".
Het moet goed begrepen worden dat door Albert Delahaye het Romeins in Nederland allerminst ontkend wordt, al willen sommige critici dit nog wel eens kwaadaardig opperen. Het gaat echter te ver om aan de tijdelijke noordgrens van het Romeinse Rijk die importatie te geven die men er in Nederland zo graag aan geeft. De Limes Germanicus lagen niet in Nederland. Het Romeins in Nederland is allerminst van internationale allure geweest, wat door Van Es erkend wordt in zijn boek "De Romeinen in Nederland", waar hij op blz. 131 schrijft: "Romeins Nederland is nimmer de eer van een colonia waardig geacht!"
In "De Romeinen in Nederland" wordt nergens een overtuigend bewijs geleverd van het gelijk van de Romeinse traditie, zoals die zo graag gehanteerd wordt! Overal schieten de vraagtekens tussen de teksten door. Het boek "De Romeinen in Nederland" is helder genoeg en bevestigt de visie van Delahaye op even verrassende als overtuigende wijze! De archeologie geeft Albert Delahaye volkomen gelijk! Er is nooit iets gevonden dat de traditionele zienswijze van de Peutingerkaart bevestigd

T.Bechert en W.J.H.Willems, De Romeinse Rijksgrens tussen Moezel en Noordzeekust, Matrijs-Utrecht, 1997.

Het boek "De Romeinse Rijksgrens tussen Moezel en Noordzeekust" van Tilmann Bechert en Willem Willems volgt de traditionele visie, met als gevolg vele onvolkomenheden en onmogelijkheden. Waar geen bewijzen geleverd kunnen worden, is "alles weggespoeld" en worden vermoedens zonder verdere bewijsvoering plots zekerheden.
Ongeveer twee eeuwen (van 50 tot 250 n.Chr.) vormde de Renus de grens tussen het Romeinse Rijk en de Germaanse volkeren.
Traditioneel werd de Romeinse Renus opgevat als de Nederlands-Duitse Rijn, ook in het boek van Bechert en Willems.
Albert Delahaye heeft op onmiskenbare wijze aangetoond dat de Romeinse Renus niet overeenkwam met de Duitse en Nederlandse Rijn, maar met rivieren in het stroomgebied van de Schelde. Zie bij Renus

In het voorwoord geeft Bechert aan dat "de Nederlandse en Duitse archeologen met talrijke opgravingen veel nieuwe kennis hebben opgedaan, kennis die niet het gevolg is van zuiver wetenschappelijk onderzoek, maar te danken is aan archeologische monumentenzorg." Hij vermeldt nergens dat bij geen enkele van deze talrijke opgravingen onweerlegbaar bewijs gevonden is die de traditionele geschiedenis bevestigt. Er is nergens een bewijs gevonden dat de onderzochte plaats de Romeinse naam gedragen heeft, die men er in de Nederlandse traditie zo graag aan geeft. Voor de Romeinse vindplaatsen in Duitsland geldt hetzelfde.
Ook uit de geschreven bronnen van de klassieke mediterane schrijvers is geen enkel bewijs te halen dat de Nederlandse traditie zou kunnen bevestigen. De vroeg-middeleeuwse schrijvers zetten deze klassieke lijn voort. Pas bij schrijvers in het tweede millennium kom je voor het eerst stellingen tegen die de Nederlandse traditie (aanvankelijk enigszins) zou kunnen bevestigen. De Nederlandse interpretatie van de Peutingerkaart dateert uit 1887. In 1645 wordt voor het eerst beweerd dat Nijmegen het Oppidum Batavorum geweest zou zijn. De woonplaats van de Bataven in de Nederlandse Betuwe wordt voor het eerst genoemd in 1517. Dat Nijmegen het klassieke Noviomagus zou zijn geweest wordt voor het eerst beweerd in 1480. Dit alles wordt beweerd door goedbedoelende amateurs, zonder verdere bewijsvoering en zonder verwijzing naar klassieke bronnen.
En de historici na hen zijn dezelfde aannames blijven herhalen, zonder ze nader te onderzoeken. Men is er gewoon maar van uitgegaan dat wat in de middeleeuwen beweerd werd, ook juist was. Ook Bechert en Willems maken zich hier schuldig aan, wat al blijkt uit hun literatuuropgave en uit hun betoog in dit boek.

Zo schrijft men in Nederland geschiedenis, niet op grond van feiten, maar op grond van vermoedens!


Klik op de LINK voor een verwijzing naar het betreffende boek.
Terug naar Archeologie: de Romeinen.

Bestel en lees het boek "De Ware Kijk Op" en oordeel zelf.